28-03-10

Volkstuinen in Haren


Achter het uitloopgebied Oosterhaar (aan het eind van de Klaverlaan naast zorgboerderij De Mikkelhorst) strekt zich een weids polderlandschap uit. Daar liggen de volkstuinen van Haren. “Werken in de volkstuin is heerlijk”, zegt secretaris Jaap Woudsma, oud-chemicus. “De natuur om je heen, zingende vogels. Als kind werkte ik al in de volkstuinen van mijn vader. Die lagen in Helpman. In die tijd was het trouwens geen hobby, maar noodzaak.” De Harense volkstuinen zijn niet erg bekend. Haren de Krant trok daarom het veld in en trof daar een bevlogen tuinder.


Ons Belang
“Het heeft niet veel gescheeld of we hadden een ijsbaan en een manege als buren”, zegt Jaap Woudsma. “Dit is al onze derde locatie. We zijn in de jaren ‘70 opgericht door de Buurtvereniging ‘Ons Belang’. De wijk Oosterhaar groeide en er kwamen mensen van het platteland wonen. Die waren gewend aan een eigen tuin en die kregen ze hier natuurlijk niet. ‘Waar zijn de volkstuinen?’ vroeg men zich daarom direct af. De eerste tuinen lagen aan de Waterhuizerweg, maar die moesten weg voor nieuwbouw. We zijn toen aan Tussenziel terechtgekomen, maar daar moesten we in 1992 vertrekken, omdat Etmat werd gebouwd. Nu zitten we op een heel mooie plek.”

Water
Als Woudsma over de volkstuinen spreekt, is dat met passie. Hij vindt het mooi, dat de grondsoort en de waterhuishouding het werk niet te gemakkelijk maken. “Wij moeten hier strijd leveren tegen het water. Vroeger hadden we nog wel eens contact met de man die het   elektrisch gemaal bij het Winschoterdiep bediende. Nu niet meer en dat is jammer. Soms mag van ons de zaak wel wat eerder worden aangezet.” Maar volgens Woudsma is ook de grondsoort grillig en aantrekkelijk tegelijk. Hij zegt: “Het is vruchtbare grond. Leemhoudend zand van de Hondsrug, maar ook gemengde grond in de laagten tussen de zandruggen met kleileem en veengrond. Die veengrond houdt het ontwateren tegen en daar hebben we wel last van. Maar dat is tevens de grote uitdaging, haha. Biologen willen het “uitloopgebied” natter hebben, wij graag wat droger.” Het verbouwen van eigen groente en fruit is tegenwoordig een hobby. Vroeger was het noodzaak. Woudsma: “In mijn jeugd verbouwden mensen groenten om financiĆ«le redenen. Er moesten grote gezinnen gevoed worden en je kon hier veel geld mee besparen.” Onlangs meldde zich bij Woudsma een nieuw lid aan, een moeder, die haar kinderen wel eens wilden laten zien waar de groente vandaan kwam: die groeit nu eenmaal niet in potjes van Hak. “Dat vond ik een leuke gedachte”, zegt Woudsma. “Er zitten ook educatieve aspecten aan.”
De folklore van de volkstuin bestaat dus nog steeds in Haren, ook al zijn de motieven veranderd.  Hij staat een ogenblik zwijgend te kijken over de landerijen, waar hij zo van houdt. “Ik kom hier in de zomer al om zes uur ’s ochtends, dan geniet ik van de natuur om me heen. Vlinders, bijen, egels, kikkers, allemaal vaste gasten. Het is een voorrecht hier te schoffelen.”

Geen opmerkingen: