14-10-09

Snoeien aal- en kruisbessen

Als het niet te hard vriest, kan met het snoeien van de aal- en kruisbessen een aanvang gemaakt worden. Dat snoeien wordt op verschillende manieren gedaan. Hoofdzaak is, dat de struiken van binnen behoorlijk ruimte krijgen. Alle takken die zich dus in het hart van de struiken ontwikkelen, kunnen zonder meer tot op hun basis worden weggesneden. Grondscheuten, jonge takken, die onder aan de voet van de struik ontstaan. kunnen, indien ze niet voor de vorming van de struik nodig zijn, ook gerust tot op de grond worden weggesneden. Alleen, indien een oude tak dood is gegaan, kan zo'n jonge grondscheut behouden worden, om de plaats van de oude tak in te nemen. Aan de oude takken - de gesteltakken - zitten jonge scheuten, die we tot op vijftien centimeter terugsnoeien. Alle scheuten die zich beneden en in het midden van de oude takken ontwikkelen, worden tot op een paar centimeter teruggesnoeid. Zitten er te veel jonge scheuten aan, dan snijden we die tot op hun basis - dus tot op het oude hout - terug, zonder echter in het oude hout te snijden. Alle dunne takjes, ter lengte van een centimeter of tien, laten we ongesnoeid, daarvan plukken we de meeste vruchten.

Kruisbessen moeten op soortgelijke wijze behandeld worden. Vooral niet te veel hout in laten zitten, anders zijn de vruchten niet te plukken. Zwarte bessen moeten anders gesnoeid worden. Indien daar te veel hout in zit, snijden we een paar van de oudste takken geheel tot op de grond toe weg.

Geen opmerkingen: