24-03-2009
Phytophthora haardmeldingen in Nederland
14-03-2009
Werkzaamheden in maart
MAART week 2
Pootuien uitplanten. Pootuien moeten nu uitgeplant worden, dat zijn de bekende grote uien, die echter niet voor winterprovisie deugen ‑ daarvoor moet u de zaaiuien hebben. Voor het gebruik in het najaar en in de voorwinter, zijn de pootuien, dus de grote, zogenaamde Zwijndrechtse uien heel geschikt. Deze uien moeten in augustus uitgezaaid worden, en kunnen als we een zachte winter hebben, buiten in de volle grond wel overwinteren. Liefhebbers kunnen echter in deze tijd van het jaar veel beter planten kopen, de kwekers hebben er meer dan voldoende te koop. De rijen komen op een onderlinge afstand van ongeveer twintig centimeter, terwijl ze op de rij vijftien centimeter van elkaar komen te staan. Uien hebben een hekel aan verse stalmest, wel hebben ze veel mest nodig, maar geen verse. Ze kunnen daarom bet best gekweekt worden op land, dat een vorig jaar zwaar bemest werd. Er kan dan dit jaar met kunstmest volstaan worden.
Schorseneren zaaien. Die worden weinig door liefhebbers gekweekt, en toch is het een groente, die eigenlijk niet mag ontbreken. Er kan nu met het zaaien begonnen worden. U kunt ze het best op rijen zaaien; de rijen op een onderlinge afstand van vijftien centimeter.
MAART week 3
In het najaar kunnen al verschillende koolsoorten gezaaid worden, vooral sluitkoolsoorten en bloemkool lenen zich daar goed voor. Amateurs zaaien koolsoorten over het algemeen niet in het najaar, omdat ze geen bakken hebben om. ze over te houden. Dat is niet erg, deze planten ‑ weeuwen noemen de kwekers die in het najaar gezaaide planten ‑ kunnen nu bij de kwekers gekocht worden. Kool verlangt een goed bemeste grond; indien u aan een beetje oude bagger kunt komen, is dat goede bemesting. Koolsoorten moet u vooral niet te dicht op elkaar zetten, een onderlinge afstand van zestig tot zeventig centimeter is wel. gewenst. Er kan dus nu bloemkool, rode kool, witte‑ en savooiekool geplant worden, doch allemaal voor zomergebruik.
Sla zaaien. Sla kan nu uitgezaaid worden, vooral dunsel kan nu op een warm plekje uitgestrooid worden. Zaai dat dunsel dicht op elkaar, zo veel te gemakkelijker is het later te snijden. Strooi er een dun laagje aarde overheen, want slazaad is fijn, mag dus niet te diep onder de aarde zitten, juist even onder de aarde is al voldoende. Ook kropsla kan nu. uitgezaaid worden, dat kan breedwerpig op een bed, bijvoorbeeld tussen de zomerwortels, doch het kan ook op een klein hoekje, van bijvoorbeeld 66n vierkante meter. Later kunnen deze plantjes dan elders op een onderlinge afstand van vijfentwintig centimeter worden uitgeplant. Het breedwerpig zaaien op een groot bed, met de bedoeling de planten te laten staan, is voor amateurs niet aan te bevelen, het zaad is licht en daardoor moeilijk gelijk over het bed te verdelen.
Sjalotten uitplanten. In plaats van uien worden ook sjalotten gekweekt. Vooral op zandgronden, waar men over het algemeen niet zo veel succes heeft met uien, kunnen beter sjalotten geplant worden. De opbrengst van de sjalotten is over het algemeen behoorlijk, terwijl ze tot diep in het voorjaar bewaard kunnen worden, hetgeen ook van onschatbare waarde is. U behoeft voor het uitplanten niet de grootste sjalotten te bewaren, ook niet de kleinste, de gulden middenweg bewandelen is hier het beste. Zet ze op een onderlinge afstand van twintig centimeter in het vierkant, en daarbij vooral niet te diep. De bollen mogen niet helemaal onder de grond komen, in ieder geval moeten de neuzen erboven blijven. Op natte gronden is het zelfs al voldoende ze zo goed als boven op de grond te zetten. Sjalotten verdragen net zo min als uien of prei verse stalmest; houd daar dus rekening mee.
MAART week 4
Aardbeien planten. Hoewel aardbeien ook in augustus geplant kunnen worden, is maart het aangewezen tijdstip. In augustus geplant, doen ze het wel goed, doch op lichte zandgronden slaan ze niet zo gemakkelijk aan, vooral niet, indien we direct na het planten een droogteperiode treffen, wat natuurlijk heel goed mogelijk is. Als ze in augustus geplant worden, heeft men het voordeel, een volgende zomer reeds een aantal vruchten te oogsten, hetgeen men niet verwachten mag als ze in maart worden geplant. Het seizoen daarop, kunnen er dan echter volop vruchten geplukt worden.
Aardappelen uitplanten. Hoewel het nog vroeg genoeg is, kan nu toch al met het uitplanten van de vroeg te spruiten gelegde aardappelen begonnen worden. Indien de knollen niet te spruiten gelegd zijn, heeft het vroege planten niet veel zin. De aardappelen moeten voorzichtig vervoerd worden, zodat de spruiten niet afbreken, anders moeten er opnieuw spruiten in de grond gevormd worden, waardoor de vroege aardappelen niet vroeg meer zullen worden. Mocht u een plaats in de tuin hebben die goed beschut ligt, dan zouden ze daar geplant kunnen worden, doch het kan nu ook op het vrije veld. Natuurlijk is het voor het planten van de andere soorten nog te vroeg. Aardappelen komen op een onderlinge afstand van veertig centimeter te staan. Sommige mensen zetten ze wel dichter op elkaar, maar het is beter dat niet te doen. De opbrengst wordt door het dichter planten heus niet groter. Zet ze ook vooral niet te diep, een diepte van twaalf centimeter is ruim voldoende.
Koolsoorten zaaien. Verschillende koolsoorten kunnen nu op een bedje uitgezaaid worden, vooral sluitkoolsoorten, zoals rode, savooie‑ en witte kool. Op een bedje van een vierkante meter kan een pakje zaad uitgestrooid worden. Na het zaaien moet u de zaden met een dun laagje aarde afdekken. Mochten er te veel planten opkomen, dan verdient het aanbeveling, de overtollige planten bijtijds weg te trekken, de overblijvende hebben dan wat meer ruimte. Ze blijven op een zaaibed staan, totdat ze op de voor hen bestemde plaats uitgezet kunnen worden. Op het zaaibed moeten we, zolang de planten daar blijven staan, het onkruid natuurlijk geregeld verwijderen.
Tuinbonen uitplanten. De tuinbonen die we in het broeibakje te kiemen hebben gelegd, kunnen nu wel zo ver zijn, dat ze in de volle grond uitgeplant kunnen worden. Vooraf moeten de planten goed afgehard zijn, moet het raam nacht en dag op lucht hebben gestaan, anders krijgen de bonen het te kwaad. Beter is het de ramen een paar dagen voor het planten weg te nemen, ze kunnen dan nog beter tegen de koude. Zulke te kiemen gelegde bonen hebben lange penwortels, welke voor het planten gedeeltelijk verwijderd moeten worden. Meestal is het voldoende, indien er met een platte schop even onderdoor gestoken wordt. U licht dus met een platte schop het hele gevalletje in een paar keer uit de bak, dan zijn de lange penwortels er gelijk af. Het uitplanten kan op verschillende manieren geschieden. In den regel worden ze op dubbele rijen gezet, hetgeen ook het meest aan te bevelen is. Deze dubbele rijen komen op een onderlinge afstand van vijftien centimeter, terwijl de tuinbonen op deze rijen eveneens op vijftien centimeter afstand komen te staan. Deze dubbele rijen komen op een onderlinge afstand van tachtig centimeter tot een meter. Dat lijkt een hele ruimte, doch ze hebben die toch wel nodig. Tussen de rijen kunnen echter verschillende groentesoorten uitgezaaid worden, vooral sla, raapstelen en spinazie zijn hiervoor geschikt. Tuinbonen zaaien. Gelijk met het planten kunnen ook bonen uitgezaaid worden, die geven dan een mooie opvolging. Grote bonen of tuinbonen kunnen vooraf geweekt worden, bij andere bonen mag u dat nooit doen, want die zouden in de grond gaan rotten. Laat ze vierentwintig uur in een emmer water staan, daarna kunnen ze uitgepoot worden. Over het algemeen worden grote bonen echter meestal eerst in een bakje te kiemen gelegd, daar uitgeplante bonen over het algemeen meer geven dan de uitgezaaide. Niettemin worden tuinbonen voor de tweede maal ook veel uitgezaaid. U kunt ze dan op dezelfde afstanden zaaien, die voor het uitplanten zijn opgegeven. Er zijn tegenwoordig ook lage soorten in de handel, die natuurlijk veel dichter op elkaar gezet kunnen worden.
MAART week 5
De strijd tegen het onkruid begint hoe langer hoe meer uw aandacht en uw tijd te vergen, verwaarloos uw groenten niet, u heeft ze veel te hard nodig. Veel groenten die uitgezaaid zijn, vooral spinazie en raapstelen, die nu al boven de grond kunnen staan, moeten nu geschoffeld worden, indien ze op rijtjes gezaaid zijn. Mocht u echter breedwerpig uitgezaaid hebben, dan is wieden nu noodzakelijk, anders eet u straks spinazie met onkruid.
Sla uitplanten. Wel is er sla in de tuin uitgezaaid, doch de plantjes zijn nog niet zo ver in ontwikkeling, dat ze nu al uitgeplant kunnen worden. Kwekers hebben echter in het najaar al uitgezaaid, en hebben nu mooie plantjes staan. U moet weeuwen hebben, dat zijn planten die in het najaar uitgezaaid zijn; voor het uitplanten van voorjaarszaailingen ‑ dat zijn vrijsters ‑ is het nog een beetje te vroeg. Sla verlangt een voedzame, goed vochtopgevende grond, gedijt het best op een zwarte humusrijke grond. U moet ze op een onderlinge afstand van dertig centimeter zetten. Ze behoeven niet speciaal op een bedje uitgeplant te worden, ze kunnen ook langs de randen van de paden gezet worden.
Erwten zaaien. Erwten en peulen moeten nu uitgezaaid worden. De zaden kunnen eerst ook in water geweekt worden. We zaaien twee rijen naast elkaar, elk op een onderlinge afstand van zo ongeveer tien centimeter, waartussen dan later de rijzen kunnen komen. Die rijzen moeten niet direct gezet worden; die geven in deze tijd van het jaar nog te veel schaduw, waardoor de grond maar onnodig afgekoeld wordt. De zaden komen in vijf centimeter diepe geultjes te liggen, op een onderlinge afstand van ongeveer drie centimeter. De rijen komen op een onderlinge afstand van een meter. Tussen deze rijen kunnen verschillende vroege groenten uitgezaaid worden. Erwten uitplanten. Erwten en peulen, die we in het broeibakje te kiemen hebben gelegd, kunnen uitgeplant worden, indien ze voldoende zijn gehard. De penwortels moeten eveneens verwijderd worden, net als bij de tuinbonen. Er worden drie plantjes bij elkaar op een polletje gezet, terwijl de polletjes op een onderlinge afstand van acht centimeter komen te staan. Tegelijk met het uitplanten van de peulen, kunnen ook een paar rijen gezaaid worden. De rijen moeten in de richting oost‑west worden aangelegd.
Groenten en aardbeien beschermen tegen nachtvorst. Men kan groenten en aardbeien niet alleen vervroegen door ze af te dekken met glasplaten en met plastic, doch men kan ze ook beschermen tegen nachtvorst. Vooral in maart kan men bloemkoolplanten beschermen met bloempotten en diezelfde potten kan men gebruiken om er de dahlia's mee te bedekken in mei; dan kan het soms zo zijn, dat ze ongedekt bevriezen. Om groenten te vervroegen door middel van plastic en glas, heeft de zaadhandel allerlei modellen.
Bron 'Van week tot week in eigen tuin' ; G.Kromdijk 1946/1972
16-01-2009
Januari - boerenkool-vorstschade en groei
De boerenkool is eind juni gezaaid en na 7 weken geplant (augustus): de betreffende boerenkool is niet voor de winter volledig uitgegroeid.
Conclusie: boerenkool begin mei zaaien.
Vorstschade bij de wintergroenten!
27-12-2008
Aardbeien in de vollegrond in de winter
Wist u dat aardbeien in de grond ook schade kunnen oplopen bij ijsdagen met veel wind. Kapot vriezen doen ze niet, maar ze lopen inwendige en onzichtbare schade op.
Meer info Strenge vorst veroorzaakt onzichtbare schade bij aardbeien.
07-12-2008
Op Toene
Ik heb haar toestemming het stukje op mijn weblog te plaatsen.
OP TOENE in DECEMBER
December: weliswaar het einde van het kalenderjaar. Maar dat betekent niet dat er niet meer op de tuin kan worden gewerkt, hoewel het klimaat in ons land het moeilijk maakt om in de wintermaanden lekker de grond te bewerken. Vaak is het te koud en te nat. Ervaren tuinders zijn echter vaak al eerder bezig geweest met het afsluiten van hun tuinseizoen. Ze hebben alvast weer orde geschapen op hun landjes. De resten van de oogst uit vorige maanden zijn verwijderd. Stronken en stengels zijn opgeruimd en hun tuin ligt zo mogelijk netjes omgespit op de winter te wachten.
De heer Jaap Woudsma van tuin 66 en 67 was net klaar met zijn dagelijkse tuinuurtje toen ik onverwacht langskwam. Hij had een groot vierkant stuk grond mooi gelijkmatig omgespit en daar meteen alvast wat oude koemest doorgewerkt, want hij wil daar volgend seizoen aardappels poten. Aardappels schijnen niet goed te gedijen met verse mest. Bij de spitwerkzaamheden was hij natuurlijk ook weer op een heleboel zo genoemd "kweek" gestuit, een grassoort waarvan de wortels zich onder de grond een weg zoeken en die tussen de gewassen compacte wortelkluiten met taaie grassprieten vormt. Wie dat ook in zijn of haar landje is tegen gekomen, weet nu waarom wij dat als tuinders onkruid noemen. Misschien is het daarom wel zo goed om aardappels te zetten op die akker. Want het schijnt dat aardappels een goed middel zijn om kweek weg te werken.
Een vriend van ons heeft eens zijn stadstuin in een nieuwe woonwijk vol gezet met aardappelplanten, tot grote ontzetting van zijn buren die zich afvroegen of hij dat elk jaar zou blijven doen. Nee dus, maar zijn tuintje was lange tijd genezen van kweek, zei hij. Misschien slaat u nu als beginnende hobbyboer, met nog weinig ervaring, en ook weinig tijd vanwege een baan, maar wel met een opgroeiend gezin en soms ook nog een hond en of een of meer katten, de schrik om het hart. Zeker als u ook nog de weelde bezit van een voor en achtertuin bij een ruime woning die ter gelegenheid van de feestdagen de komende tijd eens een goede beurt zal krijgen. Want er kunnen logés komen en de kinderen krijgen kerstvakantie... Niet doen, mensen. Je kunt gewoon weten dat het niet mogelijk is om dat allemaal honderd procent goed te krijgen en daama ook nog fris en fruitig de feestdagen te vieren. Laat het rusten, doe wat mogelijk is en geniet gewoon van de kostbare vrije tijd met familie, vrienden, kinderen, hond. In een redelijk opgeruimd huis. Die tuinervaring komt immers vanzelf met de jaren. Misschien draagt dit stukje ertoe bij dat u denkt: als ik later met pensioen ben, kan ik tijd besparen in het voorjaar als ik het seizoen ervoor alvast... Kijk ondertussen bij een bezoek aan uw landje wel goed uit uw ooghoekjes naar de grote voorbeelden op ons tuincomplex, waar je zoveel van kunt leren.
Apropos, wist u dat Jaap Woudsma een eigen website heeft die zeker een bezoekje waard is? lk heb zijn toestemming om dat hier bekend te maken: www.jacobmoestuin.blogspot.com.
Enkele wintergroenten zoals prei geven nog wat fieur aan het land. Boerenkool is bestand tegen de vrieskou. Het is zelfs een aanbeveling als 'de winter er overheen is gegaan'. Maar slimme huisvrouwen kunnen de natuur hier ook een handje helpen door de gewassen koolbladen in een plastic zak in de vriezer te leggen. Bij het bereiden van de maaltijd kun je met een deegroller alles bevroren en al fijn maken, gewoon over de (open) zak heen. Even nog de harde stengeltjes en nerfjes eruit pulken misschien leuk kinderwerk? Als ze het zelf doen, moeten ze immers ook niet zeuren over de paar harde stukjes die er vast en zeker in blijven zitten.
Kerstbomen met kluit kun je soms in de tuin laten overwinteren als het geen al te koude winter wordt. Is de grond hard bevroren, dan kun je de boom er niet goed uitgraven. En later er weer in. De heer Auke Nijdam (tuin 5 en 6) heeft er ervaring mee. Het is hem al verschillende keren gelukt om zijn boom over te houden en opnieuw te gebruiken.
En zo wordt het langzaamaan Kerst. We zullen het ieder in onze eigen traditie vieren. Thuis of op een andere plaats, al of niet in de kerk, en met een boom en kaarsen of misschien een kerststukje of versierde takken. Soms pakjes. Maar altijd met de gedachte dat het bijzondere dagen zijn.
Bron Lydia Becker; maandblad Buurtvereniging “Ons Belang” december 2008
12-11-2008
Knoflook
Knoflook telen »
door Plantaardig op 26 Okt, 2008 in Knoflook
Knoflook moet bij voorkeur in oktober, ten laatste begin november worden geplant. Wanneer toch later wordt geplant kan structuurbederf optreden, waardoor de opbrengst lager uitvalt. Vooral op wat zwaardere grond is dat het geval.
Daar komt nog bij dat de bodemtemperatuur niet lager mag zijn dan 7 à 10°C, omdat anders de planten niet goed weggroeien. Later planten - in het voorjaar - kan wel maar dan met andere rassen. Voor een goede ontwikkeling heeft knoflook een koudeperiode nodig van een tweetal maanden. Daarom geeft planten in het najaar de beste opbrengst. Vooral in een flauwe zomer is een voorjaarsplanting dikwijls een tegenvaller. ”
Lees over de teelt van knoflook op GroentenInfo
10-11-2008
Onkruid op de moestuin
Verwijder tuinafval en spit lege bedden om.
Oude koemest wordt ondergespit, waar aardappelen het volgend jaar worden verbouwd.
Blijf schoffelen en wieden!
Aanharken met de hark of drietand. Wieden moet eigenlijk altijd: verwijder bij het spitten en schoffelen met de hand de onkruidwortels (winde, kweekgras, brandnetel).
Wieden is een nevenaktiviteit.
Eenjarig onkruid zoals muur, wordt met de mest ondergespit.
Voor de winter een "zwarte" tuin: een lust voor het oog, er is al aardig wat grond gespit, en winter zwart gemaakt.
http://nl.wikipedia.org/wiki/Onkruid
http://www.neerlandstuin.nl/ziekplagen/onkruid.html
Diepwortelend onkruid zoals kweek, wordt met de kruiwagen afgevoerd naar de vuilcontainer
02-11-2008
Knolvoet bij kolen
Knolvoet wordt veroorzaakt door een splijtzwam, die de wortels van alle kruisbloemigen aantast.Er verschijnen knolvormige verdikkingen.
1) Houdt een vruchtwisseling aan van minstens 1:5.
2) Kalk toevoegen.
3) De schimmel wordt actief boven 16 gr. C.
Een mogelijkheid is het gebruik van grote bodemloze potten gevuld met kalkrijke potgrond. De potten tot de rand in de grond graven.
http://www.plantaardig.com/groenteninfo/kolen_knolvoet.htm
01-11-2008
Grondsoort
De zandruggen bestaan uit fijn leemhoudend zand.
Aan weerszijden van deze ruggen liggen brede, met leem gevulde lagen. Afhankelijk van de mate waarin deze gronden ontwaterd kunnen worden, zijn zij geschikt als weide- of hooilanden.
De beheersing van het grondwaterpeil is een belangrijke voorwaarde voor een rendabele landbouw. Optimaal is de verhouding vaste deeltjes-water-zuurstof 1-1-1.
Wanner de grondwaterspiegel zeer hoog ligt, op minder dan 45 cm, betekent dit dat er te weinig zuurstof en teveel water in de bodem aanwezig zijn om goede plantengroei te garanderen.
De volkstuinen liggen in de Oosterpolder, een gebied met veenweiden: oorspronkelijk stroomgebied Hunze
De grondsoort is leemhoudend zand gemengd met veen. Op geringe diepte kan turf worden gevonden. Bij grote droogte ontstaan scheuren en kan de aarde moeilijk worden bevochtigd.
De veenlaag houdt een sterke ontwatering tegen, waardoor de resultaten achterblijven. De optimale grondwaterstand ligt tussen 50 en 80 cm onder het maaiveld, terwijl een venige bodem in de polder slechts een ontwatering tot 45 cm onder het maaiveld toestaat.
Aardappelen: raskeuze en teeltadvies
* gebruik alleen NAK goedgekeurd pootgoed, resistent tegen wratziekte, relatief ongevoelig voor phytophthora,
* neem een vroeg tot middelvroeg ras,
* eind juli moet alle loof van de aardappelen verwijderd zijn,
* voer aardappelafval (knollen en blad) direct af naar de afvalcontainer,
* volg 1 op 4 teeltwisseling
(Leden van de tuincommissie kunnen informatie geven over de aardappelteelt van voorgaande jaren, de lijst wordt bijgehouden door dhr. Werkman).
1) grond niet bekalken (pH 5.5-6),
2) bemesten met compost of een beetje natuurmest of mengkunstmest (1-1.5 kg op 10 m2 ) gebruiken,
3) diep spitten (20 cm) en grond goed verkruimelen,
4) poot in rijen Oost-West, afstand tussen de rijen 60-70 cm, afstand in de rij 50 cm en pootdiepte 5 cm (niet dieper),
5) kiem de poters goed voor en plant ze niet te diep,
6) poot zo vroeg mogelijk, met vlies afdekken tegen de vorst,
7) 2 tot 3 weken na opkomst aanaarden (ruggen Oost-West),
8) half tot eind mei: een beetje patentkali tussen de rijen strooien, verder geen kunstmest geven,
9) onkruidvrij houden.Als alles goed gaat is het resultaat een gewas met sterke planten van ongeveer 40 cm hoog die geen liggende stengels hebben. Zonlicht en wind kunnen tussen de planten door waardoor ze warmer en droger staan en je minder ziekten hebt.
Rassenkeuze:
vroege tot middelvroege rassen zijn:
anais-donald-gloria-junior-ottena-parel-doré-fresco-frieslander-lekkerlander-meerlander-nicola-prior-timate
Ziektebestrijding:
Vele ziekten (schimmels, virussen, insekten en onkruiden) bedreigen het gewas en dus ook de opbrengst. Met name de schimmel phytophthora infestans is de laatste 20 jaar de grote bedreiging van de oogst geworden. Het voorkomen van phytophthora-infectie eist een actieve inzet van alle tuinders. Het is echter niet toegestaan zelf te spuiten tegen phytophthora, dit doet de tuincommissie voor u.Mocht u dit niet willen neem dan even contact op met de tuincommissie.Bron: Tuinvereniging Oosterhaar Haren (Gn).
*Een ruime rijafstand zodat het loof goed kan opdrogen.
*Pas om de vier jaar terugkeren op hetzelfde perceel met aardappelen.
*Opslagplanten en afvalhopen verwijderen.
*Gekeurd pootgoed gebruiken (dit is op diverse ziekten en aantastingen gekeurd en onderzocht).
*Vroeg gewas (voorkiemen of vroeg rijpend ras nemen).
*Evenwichtige bemesting en juiste plantenafstand.
*Op percelen die aangetast zijn wordt het aangetast loof verwijdert, de knollen kunnen dan nog afrijpen.
Het loof gaat mee met het huisvuil.
*Tolerante rassen kiezen. Let wel, resistentie bestaat niet!
Bron http://www.plantaardig.com/groenteninfo/berichten/aardappelplaag-waarschuwing-en-bestrijding/